Op 17, 18 en 19 september zat ik in Hotel Westcord in Eindhoven, tussen de internationale Open Space-gemeenschap. Twee dagen later verwerk ik nog wat ik daar zag.
Wat is WOSonOS
WOSonOS staat voor World Open Space on Open Space. Sinds 1994 komt de gemeenschap elk jaar samen, telkens ergens anders ter wereld, telkens met hetzelfde format: Open Space over Open Space. Dit jaar was dat Eindhoven; vorig jaar Istanboel, volgend jaar Kenia, de eerste keer op het Afrikaanse continent. Het thema was “A continuation of inclusive space.” Er was geen marketingpraatje en geen verkoopstandje: mensen kwamen samen omdat ze van elkaar willen leren hoe je ruimte maakt voor een echt gesprek.
Een gemeenschap met dertig jaar geschiedenis
Wat me meteen trof was de mix van mensen. Er waren facilitators die al twintig, vijfentwintig jaar Open Space doen, sommigen waren er al bij toen Harrison Owen het format ontwikkelde, en hebben het sindsdien gedaan in oorlogsgebieden, in bestuurskamers, in dorpen in Afrika. Ze komen nog steeds, omdat ze nog steeds iets ontdekken. Er waren deelnemers uit Nederland, Duitsland, België, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, Canada en de Verenigde Staten; sommigen reizen er elk jaar de wereld voor rond — geen chique bijkomstigheid, maar de echtheid die ze er telkens komen zoeken. En er waren nieuwkomers, die twijfelen of ze het wel goed doen, die een vraag stellen en er meteen bij zeggen dat het vast een domme vraag is.
Wat opvalt: er is geen hiërarchie. Wie dertig jaar ervaring heeft en wie er één jaar heeft, zitten aan dezelfde tafel. De Law of Two Feet werkt ook hier: sluit een gesprek niet aan, dan ga je ergens anders heen, ook als je de grootste naam in de zaal bent.
Mijn sessie: wanneer heeft een Open Space-sessie extra facilitatie nodig
Ik bracht zelf een sessie in over een vraag waarmee ik al langer worstel, ook op de Open Space met Liberating Structures in Brussel in 2025 en op de Open Space met Liberating Structures in Eindhoven in juni 2026, en online via QiqoChat bij een virtuele Open Space over Liberating Structures: in welke mate kan Open Space gecombineerd worden met andere facilitatietechnieken, en wanneer is dat eigenlijk nodig? Mijn eigen uitgangspunt is duidelijk: Open Space, met de vier principes en de juiste randvoorwaarden, is voldoende voor zelforganisatie. Hoe meer structuur je toevoegt, hoe meer vrijheid en autonomie je de deelnemers afneemt.
Maar de praktijk wringt. De sessies binnen een Open Space zijn vaak heel open-ended, en de zelfregulerende principes zijn daar niet altijd voldoende voor. Het zou fout zijn als facilitator om dan zelf facilitatietechnieken op te leggen aan een groep, dat raakt aan het concept zelf. Wat wel kan: technieken aanbieden, zonder ze op te dringen. Er kunnen facilitatoren in de ruimte beschikbaar zijn die een groep zelf kan oproepen, voor een check-in, een ronde, “1-2-4-All” of een andere Liberating Structure, een visualisatie- of tekentechniek, of gewoon om notities te nemen. Op initiatief van de groep, nooit op initiatief van de facilitator.
Deelnemers die al sinds de jaren negentig Open Space doen, gingen erop in, niet met “jij bent nieuw, jij snapt het niet,” maar met “dat is interessant, hoe zou dat werken?” We bespraken de timing (aanbieden kan werken, maar forceer niets), de keuze (laat de groep zelf beslissen of ze er gebruik van willen maken), en het gevaar dat ook ik onderkende: net dit soort steun kan de structuur opleggen die Open Space juist loslaat.
Het mooiste moment kwam van een facilitator die al sinds 1998 Open Space doet, achtentwintig jaar. Die persoon zei tegen me: “Ik ben blij dat jij dit vraagt. Ik worstel zelf ook met wanneer ik welke tool gebruik. Er is geen juist antwoord, maar het gesprek helpt.” Dat is de sfeer op WOSonOS: niemand zegt “ik heb de waarheid,” iedereen zegt “ik ben ook aan het leren,” ook na achtentwintig jaar.
Mijn eigen twijfel zit in diezelfde spanning. Ik geloof sterk dat Open Space alleen voldoende is, en toch zie ik in de praktijk sessies die duidelijk beter zouden lopen met een beetje extra ondersteuning. Wanneer is aanbieden zonder opdringen genoeg, en wanneer is het toch een verdoken vorm van structuur toevoegen? Die vraag nam ik mee naar huis, niet enkel de antwoorden van anderen.
Geen afgezwakte versie
In de commerciële wereld zie je vaak “barcamp” of “unconference,” wat meestal betekent dat de principes worden losgelaten waar het uitkomt. Bij WOSonOS lukt dat niet. De gemeenschap voelt het verschil tussen wie de principes echt naleeft en wie ze uitholt. De vier principes worden er serieus genomen: wie er komt, zijn de juiste mensen, ook als het er acht zijn in plaats van tachtig; wat er gebeurt, is het enige wat had kunnen gebeuren, ook als het niet is wat je verwachtte; wanneer het begint, is het juiste moment, ook als er eerst stilte is; wanneer het afgelopen is, is het afgelopen, ook als er nog “belangrijke” dingen onbesproken blijven. En de Law of Two Feet wordt uitgelegd zoals ze bedoeld is: leer of draag je niet bij, dan gebruik je je twee voeten en ga je ergens anders heen. Geen uitzondering. Dat is de echtheid waarom deze gemeenschap al dertig jaar bestaat.
Het is nooit klaar
Je zou denken dat na dertig jaar de principes wel duidelijk zijn en de methode wel uitgewerkt is. WOSonOS laat het tegenovergestelde zien. Er kwamen nieuwe contexten ter sprake, hoe Open Space werkt in een oorlogsgebied, met jongeren, in een virtuele omgeving, en nieuwe vragen, over het combineren met andere methoden, over omgaan met diversiteit, over faciliteren wanneer je zelf deel uitmaakt van het conflict. Geen van die vragen kreeg een sluitend antwoord; ze bleven openliggen. En een nieuwe generatie deelnemers stelde vragen die de oudgedienden niet meer hadden bedacht. De gemeenschap blijft zichzelf bevragen. Dat is, denk ik, de kracht ervan.
Meer dan collega’s
Dit zijn geen collega’s die elkaar eens per jaar zien op een congres. Dit zijn mensen die samen dertig jaar geschiedenis delen: ze helpen elkaar, werken samen aan projecten, nodigen elkaar uit voor events in hun eigen land. De WhatsApp-groep die voor dit event ontstond, blijft vermoedelijk actief: minder om zakelijk te netwerken, vooral om de verbinding vast te houden.
Voor wie is WOSonOS
Misschien denk je dat dit iets is voor experts, niet voor jou. Maar WOSonOS is net voor wie wil leren, ongeacht ervaring; voor wie twijfelt, want daar gaat het net over; voor wie vragen heeft, niet voor wie alle antwoorden al heeft; voor wie de principes serieus neemt, niet voor wie het “even wil proberen.” Sommige deelnemers doen dit al twintig jaar, en ze komen nog steeds, omdat ze nog steeds iets ontdekken.
Twee dagen later
De gesprekken zitten nog in mijn hoofd: de sessie over Liberating Structures en Open Space, de vraag van die facilitator na achtentwintig jaar ervaring, de stiltes die wel degelijk iets betekenden. Het bevestigt wat ik al vermoedde: Open Space is geen tool die je gebruikt, het is een manier van kijken naar hoe mensen samenwerken. En die blik blijft zich ontwikkelen, ook na dertig jaar.
Wie meer wil weten: de site van dit jaar is wosonos26.com, meer achtergrond staat op openspaceworld.org. Of stel je vraag rechtstreeks. Ik ben er zelf nog volop aan het leren.
Ik faciliteer Open Space en experimenteer met combinaties zoals Liberating Structures. Was aanwezig op WOSonOS 2026 Eindhoven.
“The space is only as powerful as we can open our inner space” — een thema dat op WOSonOS 2026 weer tot leven kwam.